Interview met Christine van Ommen over het OA ondersteuningsprogramma rekenen en taal; voor leerlingen die vertraging hebben opgelopen tijdens corona1)

“Rekenopdrachten zijn vervelend maar het lukt me nu wel om ze te maken”

Christine van Ommen vraagt Milan2) de regels in de tekst te markeren waar het antwoord staat op de vraag die zij hem stelt. Zo leert hij de tekst beter te begrijpen. Iets wat Milan nog
moeilijk vindt.

Zoë leert klokkijken. “Als ik het thuis oefen dan twijfel ik af en toe nog wel, maar het lukt me steeds beter.”

Drie andere leerlingen, Noah, Sem en Ahmed, zijn aan het werk met een zelfde cito oefenboekje. Christine laat ze regelmatig elkaar helpen. Ze houdt de leerlingen goed in de gaten of hun uitleg klopt. Een goede test om te zien of ze het zelf goed begrijpen. Vandaag doen Noah, Sem en Ahmed een wedstrijdje; wie de meeste vragen van de (oefen)citotoets goed beantwoordt verdient de meeste punten. Wie wordt de winnaar?

Begeleiding op maat

Christine van Ommen is orthopedagoog bij OnderwijsAdvies en begeleidt iedere dinsdag van 15.30 tot 17.00 uur, in totaal zes leerlingen uit de groepen 6 en 7 van de Da Vincischool in
Zoetermeer.
“Aan de start van het traject kreeg ik van de leraar van ieder kind de citoscores, de leerdoelen én de materialen overhandigd. Soms zijn dit dezelfde materialen waarmee de kinderen op school werken. Het grote verschil met school is dat ze nu werken in een klein groepje waardoor de begeleiding bijna 1 op 1 is. Ze krijgen daarmee de zorg en aandacht, die de leraar in de klas niet kan geven en die juist deze leerlingen heel erg nodig hebben.”

 

Christine begeleidt wekelijks een groepje leerlingen met taal en rekenen.
“Ik heb net als mijn collega’s veel ervaring met remedial teaching en weet daarom goed hoe kinderen uitleg te geven en te motiveren”.

En, Christine, hoe zijn de eerste resultaten?
“Heel aardig! De resultaten verschillen per leerling. De ene leerling komt voortdurend zelf met vragen. De andere werkt stilletjes door, daar moet je zelf dicht bovenop zitten en checken waar hij (of zij) mee bezig is en of hij het snapt. Er is een groot verschil met hoe ze na de zomervakantie binnen kwamen, en nu. Leerlingen pakken de opdrachten veel vlotter op. Dat is echt heel leuk om te zien. Als straks de citotoetsen op school worden gemaakt zien we de opbrengsten in cijfers.”

Hoe houd je de vorderingen bij?
Ik houd van iedere leerling een logboek bij waarin ik schrijf wat we gedaan hebben en wat we gaan doen. Dit op basis van de doelen en de materialen die ik van de leraar voor ieder kind heb meegekregen. Ouders en de intern begeleider van de school kunnen deze op ieder gewenst moment inzien.

Hoe ervaren de kinderen de wekelijkse bijscholing?
De kinderen zijn enthousiast. Vooral het werken in kleine groepjes vinden ze gezellig. Ze kennen elkaar goed, al zitten ze op school niet allemaal in dezelfde klas. Je merkt dat het een
hecht groepje wordt nu ze wekelijks 1,5 uur met elkaar werken.

Wordt er alleen maar hard gewerkt tijdens de 1,5 uur?
Nou, bijna wel. Op de helft las ik altijd een pauze in. Dan drinken we met z’n allen wat en krijgen ze soms wat lekkers. Voor de verandering doen we ook wel eens een spelletje. Zo
hebben we laatst het letterspel gespeeld… wat nog best moeilijk was haha.

Ben je tevreden over de bijscholing zoals het nu gaat?
Jazeker! Zes leerlingen in één groepje is goed te doen. Het is best intensief om alle leerlingen die werken op hun eigen niveau de benodigde aandacht te geven.
Het is dus ook voor mij hard werken, maar het is het waard. Ik ben trots op ‘mijn groepje’ leerlingen! Ik zie hoe goed het ze doen en hoe leuk ze het vinden. Ik ga ze als het project is afgelopen zeker missen.”

1)Ondersteunings- inhaalprogramma voor leerlingen die een vertraging hebben opgelopen tijdens corona, OP MAAT:

Door de ’subsidieregeling inhaal- en ondersteuningsprogramma’s onderwijs 2020 -2021’ (aanvraag in juni en sept 2020) kunnen zwakkere leerlingen deelnemen aan ondersteuningsprogramma’s, geheel op maat. De school ‘levert’ de leerlingen aan; OnderwijsAdvies zorgt voor de organisatie en de uitvoering.
Deze ondersteuning vindt nu plaats op een tiental scholen in onze regio en zal straks ook mogelijk zijn met de te besteden gelden uit het Nationaal Programma Onderwijs.

Wat houdt de ondersteuning in?

  • Ondersteuning vindt plaats op het gebied van Taal, Spelling en Rekenen
  • Leerlingen krijgen les in kleine groepjes (circa 3-6 personen),
  • Afhankelijk van de afspraken, bijvoorbeeld gedurende:
    20 weken 1,5 uur per week of
    2 weken lang 3 uur per dag (zoals op de Regenboog, zie quote hieronder)
  • De ondersteuning wordt begeleid door zeer ervaren en hoog opgeleide RT-ers (min HBO)
  • Op de school zelf of op een locatie van OnderwijsAdvies
  • De leraar op school levert materialen en doelstellingen voor ieder kind aan
  • Er wordt gewerkt met reguliere lesmethodes en aanvullende opdrachten /educatieve
    spellen
  • Daarnaast is er ook tijd voor persoonlijke aandacht.

Contact

Interesse? Neem dan contact op met Dennis Riesener (regio Noord), Dorothé Kappenburg (regio Midden) of Francien Hogervorst (regio Zuid).

2)De namen in dit artikel zijn vanwege privacyredenen fictief.